Na op zaterdagochtend onze inkopen te hebben gedaan op de biomarkt in Alba – een aardige markt waar de boeren uit de omgeving hun zelfgeteelde groenten en fruit, zelfgemaakt brood, zelfgeproduceerde kazen en worsten, eigengemaakte koekjes en jams en eigenverbouwde wijn verkopen – hebben mijn man en ik een bezoek gebracht aan het restaurant Ventuno.1. in Alba, op een boogscheut van Piazza Ferrero.
Bij het binnenkomen treffen we het restaurant zo goed als leeg aan, maar dan kijk ik op mijn horloge, 12u22, en besef dat het nog vroeg is, de meeste Italianen denken pas aan hun pranzo (lunch) tegen één uur. De kelner, een man van in de dertig met een zelfverzekerde houding, vraagt me of we gereserveerd hebben en dat klinkt alsof het restaurant een zekere faam geniet en dat het later toch drukker zal worden. Een dienstertje wordt erbij gehaald om onze jassen aan te nemen en vergezelt ons naar de eetzaal die iets meer naar achteren blijkt te liggen, omdat het eerste deel van de zaak ingenomen wordt door een lange toog en enkele barkrukken, voor klanten die enkel langskomen voor een koffie of aperitief. De eetzaal is ruim, modern, functioneel, met moderne kunst aan de muur, niets bijzonders – naar mijn mening – maar ook niet alledaags. Er is allezins over nagedacht. Er zijn verschillende tafeltjes voor twee personen en het dienstertje maakt met een armgebaar en enkele vage woorden duidelijk dat we er willekeurig eentje mogen uitkiezen. We nemen plaats aan een tafeltje bij de muur en terwijl we wachten op de kaart bekijken we ons tafeltje eens goed: een eenvoudig houten vierkanten tafeltje, papieren placemets, maar toch linnen servetten en Riedelglazen. Een opgewaardeerde trattoria.
Als iets later het dienstertje langskomt met de menukaart en water, overvallen we haar met de vraag waar de eigenaardige naam van het restaurant vandaan komt: Ventuno.1. Waarom die punt en vanwaar het cijfer 1 erachter. Het blijkt te gaan om een verwijzing naar de geboortedata van de twee eigenaars: 21 april en 1 september. Origineel alleszins. De eigenaars hebben hun stempel willen drukken op het restaurant, in letterlijke zin. Het dienstertje vertelt er ook bij dat de eigenaars, kok en gérant, van Napolitaanse afkomst zijn en dat vinden we meteen terug in de design van de placemets op tafel. Een zwart-wit tekening van de baai van Napels met de vulkaan Vesuvius op de achtergrond, die alle aandacht trekt omdat ze net opengebarsten is en felgekleurde lava spuit, die doet denken aan een sprankelend vuurwerk. Een allusie op de explosie van smaken, die we hier gaan mogen ervaren, denk ik.
Napels is niet ver weg blijkt ook als we de menukaart bekijken. Hoewel de traditionele Piëmontese gerechten zeker niet ontbreken, zijn er verschillende gerechten die geïnspireerd zijn op de Napolitaanse keuken. Wij kiezen voor een Tagliolini, cacio, pepe, scampi e lime, een mix niet van twee, maar zelfs drie regio’s: Tagliolini is een eierpasta typisch voor Piëmonte, cacio e pepe (pecorinokaas en peper) is Toscaans of als je wil Romeins en de scampi met lime zijn typisch Napolitaans. Het is een gedurfde combinatie, een beetje gek, maar alles is mogelijk en we zijn benieuwd hoe het gerecht eruit gaat zien, en vooral hoe het zal smaken.
De wijnkaart is heel redelijk, alle regio’s uit Italië zijn vertegenwoordigd, ook Franse wijnen zijn verkrijgbaar. De prijzen zijn vergelijkbaar met de prijzen die in andere restaurants worden gevraagd, of lichtjes hoger. Zeker niet lager. Een kleine Napolitaanse toets? Wij kiezen voor een jonge Fralù van Bruna Rocca (2017), een klassieker onder de nebbiolowijnen, altijd lekker. Prijs: 30 euro.
Bij wijze van onthaal krijgen we van de chef een schaaltje met voor elk van ons twee hapjes: een balletje van robiolakaas gerold in gemalen hazelnoot en een croquette van kalfswangetjes op een bedje van ricottekaas. De presentatie is bijzonder geslaagd en het de hapjes zijn smaakvol en tegelijk fris en licht. Ze zijn veelbelovend en kondigen een creatieve keuken aan.
Terwijl we op de door ons bestelde schotel wachten, dringt de achtergrondmuziek tot ons door: Buonasera Signorina van Louis Prima, een Amerikaanse entertainer, geboren in New-Orleans, die zingt in de stijl van Frank Sinatra. De muziek roept het beeld op van arme Italiaanse emigranten, die vanuit hun verre bestemmingen met nostalgie terugdenken aan hun vaderland. Na wat beter luisteren horen we de rest van de tekst: Buonasera Signorina, Buonasera, it is time to say goodnight to Napoli… Ach ja, il cuore napolitano…
Ondertussen komt het dienstertje met twee dampende schotels, onze Tagliolini. Mooie presentatie, goed klaargemaakt. Verrassend: de scampi waren niet gebakken, enkel gemarineerd in limoen!
We hebben zo gesmuld van ons gerecht, dat ons niet is opgevallen dat het restaurant ondertussen zo goed als volgelopen is. Nu we onze vork neegelegd hebben, kijken we eens goed rond. Het publiek is heel verscheiden. Een jong Italiaans gezin, een uitgebreid Zwitsers gezin met oma, kinderen en kleinkinderen, een tafeltje met een Italiaans gezelschap. Aan nog een ander tafeltje zitten twee mannen op leeftijd, bohemiens-stijl. Een van de twee haalt een vergrootglas boven om de menukaart te kunnen lezen. Zou hij een postzegelverzamelaar zijn of antiquair, juwelier? Ze geven alleszins de indruk “connoisseurs” te zijn.
Als dessert bestellen we een Baba a Rhum, om bij de Napolitaanse keuken te blijven.
Het dienstertje is efficiënt en bijzonder vriendelijk, maar een beetje schuchter. Hoewel ze naar het einde van de maaltijd iets losser is: ze vertelt dat ze Albanese is en dat verklaart een deel van haar gedrag. Ze woont nog maar een paar jaar in Italië en heeft de taal nog niet helemaal onder de knie. Maar ze is jong en doet haar uiterste best. Ze raadt ons aan op vakantie naar Albanië te gaan, we zullen het er zeker naar onze zin hebben. Er zijn bijzonder mooie plekken, maar we moeten aan de lokale Albanen vragen waar en wat we moeten bezoeken. Of we er ook goed kunnen eten? De keuken is er georiënteerd op Griekenland en Turkije, maar de laatste jaren is er een groeiende interesse voor de Italiaanse keuken.
De koffie op het einde van de maaltijd valt wat tegen… het doet evenwel niets af aan de indruk die we al hadden: een elegante, creatieve trattoria met Napolitaanse toets in de Piëmontese Langhe. Een aanrader! Zeker voor wie al wat vaker in Alba is en eens iets anders wil proberen dan de klassiekers, zoals Café Umberto, La Piola of Osteria dell’Arco.
Ristorante Ventuno.1
Via Cuneo, 8A
Alba (CN) 12051
Telefoon:(+39) 0173 290787
Email:ristorante@ventunopuntouno.it
Www: https://ventunopuntouno.it
Sluitingsdag: woensdag